Op blote voeten

Kunstenaar Gerti Bierenbroodspot

Tekst: Andy Arnts  

Gepubliceerd in: 'Taste Of Life magazine' (09/2008)

 

 

Het liefst is ze met handen en voeten direct verbonden met de aarde. Dan voelt ze zich vrijer en dieper. Daar vindt ze schatten die verhalen vertellen en een wereld creŽren die we nu niet meer kunnen bevatten. Kunstenares Gerti Bierenbroodspot, aan het werk in Toscane voor haar nieuwste expositie: 'Wat wij missen, is een heilig doel.'

Het is maar weinig mensen gegeven om wekenlang eenzaam door het Rijksmuseum van Oudheden te mogen dwalen. Langs zalen vol archeologische kunstschatten en voor het publiek ontoegankelijke depots, om ongestoord te kunnen schetsen, schilderen, schrijven en inspiratie op te doen voor een geheel eigen 'archeowereld'. Om dat te bereiken moet je je internationaal hebben bewezen of een bijzondere relatie hebben met de Antieke Wereld. Kunstenaar Gerti Bierenbroodspot heeft het allebei.
'Ik ben afkomstig uit een familie van schildersbohťmiens. Mensen die vroeger al naar landen als ItaliŽ, Spanje en Frankrijk trokken om er voor langere tijd te gaan wonen en nieuwe leefwijzen te verkennen. Ik ben automatisch in hun voetsporen getreden, met dat verschil dat mijn nieuwsgierigheid zich verder heeft uitgestrekt naar het Midden Oosten. Naar Libanon en JordaniŽ en SyriŽ, waar ik geleefd heb bij de karavaansteden Petra, Baalbeck en Palmyra. Daar ben ik zo geboeid geraakt door de schatten uit de Oudheid dat die sindsdien mijn voornaamste inspiratiebronnen vormen.'

Heeft dat nomadenbestaan u als mens en kunstenaar gevormd?
'Natuurlijk. Door het ontdekken van andere culturen bereik je een nieuwe manier van 'zijn'. Mijn reizen hebben in belangrijke mate mijn smaak, kleurenkeuze en materiaalvoorkeur bepaald. Omdat ik voortdurend in de wereld beweeg verandert dat ook met de jaren. Zo merk ik, nu ik in ItaliŽ werk, dat mijn pallet lichter wordt. Het licht van ItaliŽ heeft invloed op mijn persoon en dus op mijn werk.'


Net als de oude meesters selecteert Bierenbroodspot

haar eigen grondstoffen bij de samenstelling van haar pallet. 'Voor mijn verf gebruik ik uitsluitend pigmenten en mineralen die ik hier kan vinden. Er moet altijd een relatie zijn met de elementen. In dit geval het element aarde. Blauwe en groene pigmenten worden bijvoorbeeld gewonnen uit mineralen. Of denk aan gebrande Sienna, dat komt hier uit de grond. Het beste is, vind ik, dat je zelf je materialen ontdekt. Voor beeldhouwen gebruik ik ondermeer albast, een zachte marmersoort die hier in Toscane voorkomt. Ik koop dat niet in de winkel maar betrek het van lokale steenhouwers die het speciaal uit de grotten van oude Etruskenstreken halen. Je ziet dat ťcht terug in een kunstwerk: Materiaal dat je zťlf hebt gekozen. Dat oud is, archaÔsch, menselijk. Met bronsgieten net zo. Dat is een zeer oud vak dat al in de Chinese Oudheid bestond. Ik heb een vast adres in Limburg waar ze nog ambachtelijk te werk gaan. Prachtig om dat te zien, dat spel van de elementen: vuur, aarde, alchemismeÖ'
Eeuwige schoonheid
Afgelopen zomer installeerde de kunstenaar in het Museum Jan van der Tocht in Amstelveen haar derde tentoonstelling over het verloren continent Atlantis, getiteld 'Atlantis Rising'. Daarin liet zij met haar vier persoonlijke elementen: water, vuur, brons en verf, de archaÔsche droomwereld opnieuw uit de zee oprijzen. In december gaat in het Leidse Rijksmuseum van Oudheden haar nieuwe expositie van start: 'Beyond the Horizon', nu met het Oude Egypte als hoofdthema.
'Deze tentoonstelling wordt een echte totaalervaring. Een wederopstanding van de Oudheid. Met metershoge beschilderde doeken, reisschetsen, gedichten en sculpturen, gecombineerd met eeuwenoude voorwerpen uit de museumcollectie. Het geheel zal eruit gaan zien als een opgraving. Ik heb een blote voetreis door het museum gemaakt, wat me een gevoel van enorme vrijheid gaf. Op blote voeten ben ik vrijer en dieper verbonden met de aarde. Ik heb kostbare beelden uit vitrines mogen halen en mummiekamers betreden waar maar zelden iemand mag komen. Ik heb er hoedendozen met mummiehoofden gezien waarvan je niet weet of het mannen of vrouwen zijn. Schitterend om zo'n kop te zien waar nog haar op zit en met zo'n wonderschone gelaatsuitdrukking. Tenminste, zo ervaar ik het. Ik was bevoorrecht om die eeuwige schoonheid ter plekke te mogen schilderen op papyrus.'

 

In 1980 was u de eerste kunstenaar die in dit museum exposeerde. Wat is het verschil met nu? 'Toen waren het vooral op kleine schaal tentoongestelde mummieportretten. Het was allemaal nog wat timide. Nu is het intensiever en grootscheepser opgezet. Cellist Ernst Reijseger heeft toegezegd opnieuw de opening te willen verrichten met zijn muziek die ik zo bewonder, samen met prachtige a capella zangers uit SardiniŽ. Ik wil er een spektakel van maken want ik vind dat je als kunstenaar een voorbeeldfunctie hebt. Het contact, die uitwisseling met de bezoekers is zů belangrijk. Je
moet elkaar laten proeven, zonder daarbij de ander te willen overtuigen.'
Invasie van Chinese en Japanse kunst
Hoe kijkt u aan tegen de moderne kunst anno 2008?                                                     'Ik zie dat de hedendaagse kunstbeleving voor een groot deel wordt bepaald door internet en dat er een invasie is van Chinese en Japanse kunst. Van die vreemde figuren met van die grote ogen, heel cartoon- en tekenfilmachtig. Op iedere zichzelf respecterende kunstbeurs zijn ze tegenwoordig aanwezig. Pas was ik op de BiŽnnale in VenetiŽ en daar waren ze ook weer. Mijn smaak is het niet. Ja, de Chinese kunst uit de Oudheid, die wel. Maar niet dit. Geef mij liever een scherf van een antieke vaas of beelden van Giacometti, Carel Visser of Mitorai. Daar hecht ik meer waarde aan.'
 
Waarom? Vindt u in die Oude Wereld iets wat de Nieuwe Wereld niet meer te bieden heeft? 'Absoluut. Het grote verschil met de Oudheid is dat toen al het prachtige gemaakt werd voor de goden. Neem de Egyptische piramides. Die zijn allemaal gebouwd om de goden gunstig te stemmen. Dat is wat we in de huidige tijd missen. Dat heilige doel. We hebben onze goden verloren. Met al onze kennis, computers en satellieten zijn we geen stap verder gekomen. We kunnen naar de maan, maar we zijn niet in staat om met elkaar in vrede te leven.'
Waarin onderscheidt uw eigen 'Archeowereld' zich van die Oude Wereld?                          'Als kunstenaar kijk ik naar de Oudheid. Ik graaf op, onbevangen, uit de bodem van de aarde. Niet op een archeologische manier, maar vanuit een nieuw artistiek perspectief. Ik herschep het verleden. Ik kom op bijzondere plaatsen en woon op opgravingplekken. Daar vind ik mijn inspiratie. Mijn volgende reizen gaan naar Turkije en SyriŽ. Als ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw kan ik gebruik maken van de Nederlandse ambassades aldaar om nieuwe gebieden en technieken te ontdekken. Uiteindelijk wil ik mijn werk uitbouwen naar een totaal mythologisch verhaal. Ik mag niet stilstaan. Een kunstenaar moet altijd blijven bewegen in de wereld.'

© Andy Arnts, 2008